Evangelie

Matteüs

Bezoek van de Wijzen
1Toen dan Jezus te Betlehem in Juda geboren was ten tijde van koning Herodes, kwamen er te Jeruzalem Wijzen uit het oosten  
2en vroegen: “Waar is de pasgeboren koning der Joden? Want wij hebben zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen.”  3Toen koning Herodes dit hoorde, werd hij verontrust en heel Jeruzalem met hem.  4Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en legde hun de vraag voor, waar Christus moest geboren worden.  5Zij antwoordden hem: “Te Betlehem in Juda. Zo immers staat er geschreven bij de profeet:  6En gij, Betlehem, landstreek van Juda,
gij zijt volstrekt niet de geringste
onder de leiders van Juda,
want uit u zal een leidsman tevoorschijn treden,
die herder zal zijn over mijn volk Israël
.  
7Toen ontbood Herodes in het geheim de Wijzen en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was.  8Daarop zond hij hen naar Betlehem met de opdracht: “Gaat een zorgvuldig onderzoek instellen naar dat Kind en wanneer gij het gevonden hebt, bericht het mij dan, opdat ook ik het hulde kan gaan brengen.”  9Na de koning aangehoord te hebben vertrokken zij. En zie, de ster die zij in het oosten gezien hadden, ging voor hen uit totdat zij boven de plaats waar het Kind zich bevond stil bleef staan.  10Op het zien van de ster werden zij vervuld van overgrote vreugde.  11Zij gingen het huis binnen, zagen er het Kind met zijn moeder Maria en op hun knieën neer vallend betuigden zij het hun hulde. Zij haalden hun schatten te voorschijn en boden het geschenken aan: goud, wierook en mirre.  12En in een droom van Godswege gewaarschuwd niet meer naar Herodes terug te keren, vertrokken zij langs een andere weg naar hun land. Vlucht naar Egypte
13Na hun vertrek verscheen een engel van de Heer in een droom aan Jozef en sprak: “Sta op, neem het Kind en zijn moeder, vlucht naar Egypte en blijf daar tot ik u waarschuw, want Herodes komt het Kind zoeken om het te doden.”  
14Hij stond op en week in de nacht met het Kind en zijn moeder naar Egypte uit.  15Daar bleef hij tot aan de dood van Herodes, opdat in vervulling zou gaan wat de Heer gesproken had door de profeet:Ik heb mijn zoon geroepen uit Egypte Kindermoord te Betlehem
16Zodra Herodes bemerkte, dat hij door de Wijzen om de tuin geleid was, ontstak hij in hevige toorn; hij zond zijn mannen uit en liet in Betlehem en heel het gebied daarvan al de jongens vermoorden van twee jaar en jonger, in overeenstemming met de tijd waarnaar hij de Wijzen nauwkeurig had gevraagd.  
17Toen ging in vervulling het woord dat door de profeet Jeremia gesproken was:  18Een klacht werd in Rama gehoord,
geween en luid gejammer:
Rachel, wenend om haar kinderen,
wil niet getroost worden, omdat zij niet meer zijn
 
Terugkeer uit Egypte
19Nadat Herodes gestorven was, verscheen in Egypte een engel van de Heer in een droom aan Jozef en zei:  
20“Sta op, neem het Kind en zijn moeder en trek naar het land Israël, want die het Kind naar het leven stonden zijn gestorven.”  21Hij stond op, nam het Kind en zijn moeder en ging naar het land Israël.  22Toen hij echter hoorde, dat Archelaüs in plaats van zijn vader Herodes over Juda heerste, vreesde hij daarheen te gaan; van Godswege in een droom gewaarschuwd, begaf hij zich daarom naar het gebied van Galilea.  23Hier aangekomen vestigde hij zich in een stad, Nazaret geheten, opdat in vervulling zou gaan wat door profeten gezegd was: Hij zal een Nazoreeër genoemd worden. 

Notities

Matteüs

Hier is hoofdstuk 2 van het Evangelie volgens Mattheüs in hoofdlijnen (Mattheüs 2:1–23), met de belangrijkste inhoud en betekenis.

De wijzen en de “koning der Joden”

In de tijd van koning Herodes worden wijzen uit het oosten geleid door een ster naar Jeruzalem. Ze zoeken het kind dat geboren is als koning van de Joden en willen het eer bewijzen.

Herodes schrikt, roept de hogepriesters en Schriftgeleerden bij elkaar en vraagt waar de Messias geboren moet worden. Zij verwijzen naar een profetie dat de geboorteplaats Bethlehem is.

Herodes laat de wijzen vervolgens de precieze tijd van de ster bepalen en stuurt hen naar Bethlehem met de vraag om hem later te informeren, zogenaamd om ook zelf eer te bewijzen—maar zijn intentie is kwaadaardig.

De wijzen vinden het kind: de ster leidt hen “tot boven” de plaats waar het kind is. Ze knielen en brengen geschenken: goud, wierook en mirre.

De vlucht naar Egypte

Na een waarschuwing in een droom vertrekken de wijzen niet terug naar Herodes.

Daarna verschijnt een engel in een droom aan Jozef: Jozef moet met Maria en het kind naar Egypte vluchten en daar blijven tot de engel het zegt, omdat Herodes van plan is het kind te doden.

Jozef gehoorzaamt, en dit wordt door Mattheüs verbonden met een Schriftwoord: “Uit Egypte heb ik mijn zoon geroepen.”

De kindermoord in Bethlehem

Als Herodes beseft dat hij bedrogen is, wordt hij woedend en laat hij in en rond Bethlehem alle kinderen van twee jaar en jonger doden, op basis van de tijd die hij van de wijzen had geleerd.

Mattheüs ziet ook hierin een vervulling van profetie: een “stem” van rouw in Rama, waarbij Rachel huilt om haar kinderen.

Terugkeer en vestiging in Nazaret

Na de dood van Herodes verschijnt opnieuw een engel aan Jozef en beveelt hem terug te gaan naar het land Israël, omdat degenen die naar het leven van het kind zochten nu dood zijn.

Wanneer Jozef hoort dat Archelaüs regeert in Judea, krijgt hij vrees om daarheen te gaan. In plaats daarvan wijkt hij uit naar Galilea, en vestigt zich in een plaats die Nazaret heet—weer verbonden met profetische vervulling: “Hij zal een Nazarener genoemd worden.”

Kernboodschap van Mattheüs 2

  • Jezus is de ware koning (erkend door heidenen/“wijzen”), maar die koningschap wordt meteen omringd door dreiging en vervolging.
  • De geschiedenis van Jezus wordt steeds gelezen als vervulling van Schrift (“zodat … vervuld werd”).
  • God beschermt Jezus door Goddelijke leiding via dromen aan Jozef.